
Iedereen wordt wel eens geconfronteerd met een gebrek aan loyaliteit. Zo ook ondergetekende. De ene keer glijdt dit van me af en de andere keer niet. Een enkele keer kan een gebrek aan loyaliteit me tot in het diepst van mijn ziel raken. Ik reageer dan hoogst verontwaardigd en ik kan gerust zeggen dat ik dan even uit het veld ben geslagen. In allerijl raadpleeg ik dan familie, vrienden en goede collega’s om te peilen hoe zij hier nu tegenaan kijken en ik moet zeggen: meestal helpt dat. Uit de wirwar van informatie die ik dan over me afroep, haal ik meestal precies datgene waar ik weer mee verder kan. Maar onlangs lukte me dat niet. Ik werd op zakelijk gebied geconfronteerd met een vorm van onoprechtheid, intriges en ontrouw waarvan, zoals ik dat altijd pleeg te betitelen “de honden geen brood lusten”. Wóedend was ik. En als ik er aan terugdenk, dan borrelt het van binnen nog steeds. Ik kon er niet mee uit de voeten en vroeg de hele santenkraam in mijn vertrouwde omgeving om raad. En die kreeg ik ook. Een waterval van adviezen, goede bedoelingen en meningen spoelde over me heen. Maar ik kwam er niet uit. Hoe lang ik ook bleef denken; het lukte me niet om een manier te vinden die me in de hoeveelheid van intriges de juiste weg zou kunnen wijzen. Ik werd er moedeloos van en zakte neer in een stoel voor de t.v. met de bedoeling er later nog eens over na te denken en nu even mijn gedachten te verzetten. Toen ging de voordeurbel.
Aan de contouren door de ruit van de deur kon ik al zien wie er aanbelde: de mevrouw van de Jehova’s. Ik weet niet hoe u er tegenoverstaat, maar ik maak altijd even een praatje met haar. Ik “heb” namelijk meestal een gezellige dame, die lekker kan kletsen en die het en passant ook nog even over het geloof heeft, alsof dit niet de enige reden is, waar zij voor langskomt. Ik geef netjes antwoord en ik heb haar al zo vaak gesproken, dat ik er op durf te vertrouwen dat we elkaar in onze zienswijzen respecteren. Na al die jaren dat zij al aan mijn deur komt, raak je ook nog eens aan iemand gehecht. Dat bemerkte ik, toen zij onlangs op vakantie was en er een geloofsgenoot van haar bij mij aanbelde, die veel minder gezellige verhalen vertelde. Maar gelukkig was ze er nu weer en we wisselden informatie uit over onze vakanties. Na een paar minuten bracht ze het gesprek op het tijdschrift dat ze bij zich had. “Waarom het loont om loyaal te zijn” stond er in grote letters op het voorblad. Ik was met stomheid geslagen, want ik had namelijk net het tegendeel ervaren. Kort legde ik in bedekte termen mijn dilemma uit. En op haar beurt legde ze me uit dat loyaliteit naar elkaar en naar God wel degelijk loont. Daar wilde ik natuurlijk nog wel wat meer over lezen. Terwijl ik een vrijwillige bijdrage gaf voor het tijdschrift, eindigde ik ons gesprek knipogend met: “Zie je wel dat er een lijntje naar boven loopt …”
“En Die laat je nooit in de steek…als je dát maar weet! ,” besloot zij beslist ons gesprek.
© Joke Wageveld
Aan de contouren door de ruit van de deur kon ik al zien wie er aanbelde: de mevrouw van de Jehova’s. Ik weet niet hoe u er tegenoverstaat, maar ik maak altijd even een praatje met haar. Ik “heb” namelijk meestal een gezellige dame, die lekker kan kletsen en die het en passant ook nog even over het geloof heeft, alsof dit niet de enige reden is, waar zij voor langskomt. Ik geef netjes antwoord en ik heb haar al zo vaak gesproken, dat ik er op durf te vertrouwen dat we elkaar in onze zienswijzen respecteren. Na al die jaren dat zij al aan mijn deur komt, raak je ook nog eens aan iemand gehecht. Dat bemerkte ik, toen zij onlangs op vakantie was en er een geloofsgenoot van haar bij mij aanbelde, die veel minder gezellige verhalen vertelde. Maar gelukkig was ze er nu weer en we wisselden informatie uit over onze vakanties. Na een paar minuten bracht ze het gesprek op het tijdschrift dat ze bij zich had. “Waarom het loont om loyaal te zijn” stond er in grote letters op het voorblad. Ik was met stomheid geslagen, want ik had namelijk net het tegendeel ervaren. Kort legde ik in bedekte termen mijn dilemma uit. En op haar beurt legde ze me uit dat loyaliteit naar elkaar en naar God wel degelijk loont. Daar wilde ik natuurlijk nog wel wat meer over lezen. Terwijl ik een vrijwillige bijdrage gaf voor het tijdschrift, eindigde ik ons gesprek knipogend met: “Zie je wel dat er een lijntje naar boven loopt …”
“En Die laat je nooit in de steek…als je dát maar weet! ,” besloot zij beslist ons gesprek.
© Joke Wageveld

Geen opmerkingen:
Een reactie posten